De gevolgen van een harde Brexit

Luc Aben
Hoofdeconoom Van Lanschot
Brexit: de gevolgen

De gevolgen van een harde Brexit

Beleggen
14 januari 2019
Een forse daling van het Britse pond en Europese aandelen ligt in het verschiet.

Beleggers beleven weinig plezier aan de economische data uit Europa. De ESI (Economic Sentiment Indicator) van de Europese Commissie vatte het sombere sentiment vorige week ‘mooi’ samen. Deze barometer voor de economische activiteit liet in 2018 niet één maand een stijging optekenen. Ondanks dat verwachten we voor de eurozone in 2019 een economische groei die nog steeds boven het groeipotentieel voor de lange termijn van circa 1,25% ligt.

We verwachten maandag zwakke cijfers voor de industriële productie in de eurozone in de maand november. En het cijfer over de groei van de Duitse economie in het vierde kwartaal van 2018, dat we dinsdag krijgen voorgeschoteld, zal weinig of geen ommekeer tonen ten opzichte van het zwakke derde kwartaal toen de economie slechts met 0,2% op kwartaalbasis groeide.

Brexit-proces nadert climax en blijft onvoorspelbaar

Er is niet één, grote verklaring voor de appelflauwte van de economische groei. De vertraging van de Chinese economie, lagere groei van de wereldhandel en politieke onzekerheden spelen allemaal mee. Met de stemming over de Brexit-deal in het Britse Lagerhuis zal met name de politiek de komende dagen opnieuw in het middelpunt van de belangstelling staan. En de politieke wegen zijn vaak ondoorgrondelijk.

De kans dat de Brexit-deal alsnog door het Britse parlement komt, lijkt op moment van schrijven nihil. Helaas is er nog steeds geen duidelijkheid over wat er vervolgens moet gebeuren. Een harde Brexit? Een nieuw referendum? Uitstel vragen voor de uittredingsdatum van 29 maart? Verkiezingen? Over een paar dagen de deal opnieuw voorleggen aan het parlement?  Nog iets anders? Alles is mogelijk. Hoe dan ook, bij een verwerping van de deal moet premier Theresa May binnen drie dagen met een ‘plan B’ komen.

Een harde Brexit is voor ons nog steeds het meest onwaarschijnlijke scenario

De risico’s op een harde Brexit zijn toegenomen, maar toch blijft dat voor ons het meest onwaarschijnlijke scenario. Gezien de grote economische schade voor met name het Verenigd Koninkrijk is er geen meerderheid voor in het Lagerhuis. Het betekent immers dat er over niets een akkoord is: noch over de scheidingsmodaliteiten, noch over de toekomstige (handels)relaties met de Europese Unie. De handelsrelatie tussen het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie valt bij een harde Brexit terug op de algemene regels van de Wereldhandelsorganisatie (WTO). Dat is een forse breuk met de huidige situatie van innige vervlechting van de Britse economie en de Europese Unie.

Hoe harder de Brexit, hoe zwakker het pond

Niet alleen het verdere verloop van het politieke proces rond de Brexit is moeilijk in te schatten. Dat geldt ook voor de reactie van financiële markten. Vooral de valutamarkten kunnen heftig reageren. Als vuistregel kunnen we stellen dat iedere stap die alsnog naar een harde Brexit leidt, een verzwakking van het pond betekent. Daarbij is een daling van 10% best mogelijk.

Een renteverlaging door de Bank of England als reactie op een harde Brexit, of zelfs de heropstart van de kwantitatieve verruiming, zouden de verzwakking van het pond enkel maar versterken. Een zwakker pond daarentegen zal zorgen dat de importen duurder worden en dat de inflatie in het VK daardoor kan oplopen. Dat zet weer een rem op potentiele renteverlagingen door de Bank of England. Het uiterst vervelende scenario van een vooral stagnerende binnenlandse economie met een oplopende inflatie ontvouwt zich dan. Erg nadelig voor de koopkracht van de Engelse consument.

Een daling van het Britse pond van 10% is best mogelijk

 Bij een harde Brexit kunnen ook Europese aandelen verder onder druk komen. Denk dan aan een neerwaartse beweging van 5%. Toch zijn er geen speciale redenen om vooral grote Britse aandelen (large caps) te mijden. Deze Britse ondernemingen realiseren vaak het merendeel van hun omzet buiten het Verenigd Koninkrijk. Een zwakker pond versterkt juist hun concurrentiekracht net als de gemelde resultaten in deze valuta.

Voor kleinere Britse aandelen (small caps) geldt dat natuurlijk niet. Die zijn vooral gevoelig voor de binnenlandse economie. Ook Brits onroerend goed kan niet profiteren van de compenserende werking van de goedkopere valuta. Dat geldt ook voor ondernemingen en sectoren die veel blootstelling hebben aan de Britse consument, zoals supermarktketens en warenhuizen.

Wanneer rolt het Chinese geld weer?

Een ander heet politiek hangijzer is de handelsoorlog tussen de Verenigde Staten en China. De afgelopen dagen kregen we voorzichtig positieve signalen, zonder veel details.

Chinese beleidsmakers nemen geleidelijk stappen om de groei aan te jagen. Dat is ook nodig gezien de ronduit slechte handelscijfers die maandagochtend bekend werden. Zowel de Chinese import als export gingen in december zwaar onderuit. Omwille van de handelsoorlog zijn deze cijfers enigszins ‘vervuild’. In de herfst anticipeerden ondernemingen op aankomende hogere tarieven. Nu er enige politieke ontspanning is, is de nood om nog snel in te kopen minder nijpend. Dat drukt de handelsactiviteit, maar toch blijven de cijfers slecht.

Cijfers over de Chinese economie blijven slecht

 Een belangrijke parameter om te volgen of de stimulerende maatregelen van de Chinese regering voor de economie uiteindelijk aanslaan, is de geldgroei. Die stabiliseert al een tijdje rond de 8% op jaarbasis. Enige opleving zou een signaal zijn om de zorgen over de Chinese economische groei wat naar de achtergrond te duwen. Iets wat ook voor de Europese economie welkom nieuws zou zijn.

Joe Sixpack is sterkhouder

In de Verenigde Staten is het deze week vooral uitkijken naar nieuwe cijfers over de consument. Joe Sixpack bulkt van het vertrouwen. De vertrouwensbarometer van de University of Michigan zal dat eind deze week naar verwachting nog een keer bevestigen. De vorige week gepresenteerde inflatiecijfers lieten zien dat de stijging van het prijspeil stabiliseert of licht vertraagt. Dat is goed nieuws voor de koopkracht van burgers.   

Op basis van de consumentencijfers heeft Fed-baas Jerome Powell dus gelijk als hij zegt dat de onrust over de Amerikaanse economische groei, die af en toe financiële markten teistert, niet strookt met de cijfers uit de reële economie. Ondanks de recente sussende toon van de Fed over toekomstige renteverhogingen, betekent dat bijgevolg niet dat die helemaal van de baan zijn. Beleggers lijken daar nochtans vanuit te gaan: ze prijzen op dit moment geen nieuwe rente-ingrepen voor 2019 in. Komen die er alsnog, dan schuilt hierin een risico dat we op enig moment weer tussentijdse nervositeit op beurzen beleven.

Zolang het onderliggende economisch groeiplaatje van de VS degelijk blijft, is een eventuele nerveuze periode op de beurzen te relativeren. Een goed draaiende economie kan immers een hogere rente aan. Uiteindelijk is het die economie, en de daaruit voortkomende bedrijfswinsten, die het verloop van aandelen bepalen.

Belangrijke macro-economische publicaties

Van 14 januari tot

en met 18 januari

Publicatiedag

Regio/land

Publicatie van

Periode

Consensus

Maandag

Eurozone

Industriële productie YoY

Nov

-1,2%

 

China

Export YoY

Dec

-4,4%

 

 

Import YoY

Dec

-7,6%

 

 

M2-geldgroei YoY

Dec

8,2%

Dinsdag

Duitsland

BBP-groei YoY

2018

1,5%

Vrijdag

VS

Industriële productie MoM

Dec

0,3%

 

 

Consumentenvertrouwen (U. Mich.)

Jan

97,0

Luc Aben
Hoofdeconoom Van Lanschot