Amerikaanse economie schakelt een versnelling lager

Luc Aben
Hoofdeconoom
  1. Blog
  2. BIS
  3. Amerikaanse economie schakelt een versnelling lager

Amerikaanse economie schakelt een versnelling lager

Blik Vooruit
16 januari 2023
Is de piek van de Amerikaanse renteverhogingen in zicht?

In het kort:

  • De Amerikaanse inflatie zwakt verder af, maar de Fed zal de rente nog wel verhogen.
  • De rol van de Chinese economie wordt de komende maanden groter.
  • Energieprijzen blijven van belang voor het vertrouwen in de Europese economie.

De Amerikaanse inflatie over de maand december kwam precies uit zoals verwacht werd. Voor de kerninflatie betekent dat een cijfer van 5,7% op jaarbasis. Dat duidt op een verdere afzwakking van de inflatie ten opzichte van het hoogtepunt van 6,6% in september.

De totale inflatie, dus inclusief voeding en energie, bedraagt nog steeds 6,5%, maar liet wél een daling van 0,1% zien ten opzichte van november, met dank aan de afbrokkelde benzine- en gasprijs. Ook veel basisproducten worden langzaam weer wat goedkoper.

Onderliggend blijven woonkosten een belangrijke bijdrage leveren aan het algemene prijspeil. Dat zou de komende drie tot vier maanden echter moeten verbeteren. Wanneer we de woonkosten eruit halen, dan bedroeg de kerninflatie voor de dienstensector slechts 0,2% ten opzichte van de maand november. Een hoopgevend signaal.

Conclusie is dat het de goede richting uitgaat met de prijsdruk in de VS, maar nog niet in die mate dat de Federal Reserve haar plannen snel zal wijzigen. De centrale bank zal de beleidsrente blijven optrekken. Die rente is nog een (klein) procentpunt verwijderd van wat wellicht de uiteindelijk top zal blijken te zijn.

Rentedalingen

Of het in de tweede jaarhelft dan weer tot rentedalingen zal komen, is een open vraag. Financiële markten denken van wel, de Federal Reserve spreekt dat tegen. Kijken we naar de tegenvallende recente data uit de VS, dan is de economie in ieder geval flink aan het afkoelen. Denk maar aan de ontgoochelende aankoopmanagersindices of de forse vertraging op de huizenmarkt. Over dat laatste staan deze week een reeks relevante cijfers op de agenda (transacties, vertrouwen bij huizenbouwers).

Voordat de Fed echter aan een soepeler beleid denkt, moet de verdere afzwakking van de economie zich ook weerspiegelen op de arbeidsmarkt. Die vertoont wel degelijk tekenen van vertraging. Zo draaien werknemers minder overuren, een signaal dat de arbeidskrapte wat minder nijpend wordt. Voorlopig blijft de banengroei té dynamisch en de werkloosheid té laag om de centrale bank voldoende vertrouwen te geven dat de inflatie snel structureel bedwongen zal zijn.

 

Bestedingsruimte laag

Op de macro-economische agenda is er deze week aandacht voor de Amerikaanse kleinhandelsverkopen. De bovenvermelde stevige arbeidsmarkt en de afbrokkelende inflatie bieden hier steun. Aan de andere kant sparen Amerikaanse gezinnen slechts 2,4% van hun inkomen. Zo is er weinig tot geen ruimte om de bestedingen verder op te drijven, integendeel zelfs. Ook het krappere geldbeleid van de Fed wordt stilaan gevoeld. Al bij al verwachten we een matig cijfer en een nieuwe indicatie dat de Amerikaanse economie een versnelling lager schakelt.

Hetzelfde geldt voor de nieuwe cijfers over de industriële productie. We stipten al de zwakke aankoopmanagersindices aan. Wellicht zal de iets zwakkere dollar enige ondersteuning bieden, maar een zwakkere conjunctuur in de VS en wereldwijd en het Fed-beleid zullen hun sporen nalaten.

 

Heropleving Chinese economie

Vanuit China krijgen we de kleinhandelsverkopen en industriële productie over de maand december én vooral de groei over het laatste kwartaal van 2022. Met een economische krimp tegenover het derde kwartaal is het een open deur dat die teleurstellend zullen zijn.

Belangrijker dan dit (weliswaar recente) verleden, is het verdere verloop nu zero-covid op de schop ging. Officiële cijfers hebben we niet en zullen we ook niet krijgen. Maar het lijkt erop dat een groot deel van de bevolking ondertussen een infectie doorgemaakt heeft. Misschien komt er nog een tweede golf na het Chinese nieuwjaarsfeest van volgende week, maar daarna kan de weg naar een échte heropleving volledig open liggen.

Groeiverwachtingen voor 2023 worden over een breed front naar boven bijgesteld, meer in de buurt van de gemiddelde doelstelling voor de lange termijn van ongeveer 5%. Niet enkel omwille van het loslaten van zero-covid, maar ook omwille van toenemende steun voor de vastgoedsector en de brede economie. Peking trekt duidelijk de kaart van economische groei op korte termijn. De harde en soms eerder ideologisch geïnspireerde weg rond covid of vastgoed slaat voorlopig een andere richting uit.

 

Structurele problemen

Dat betekent niet dat de structurele problemen van het land plotseling verdwenen zouden zijn. Problemen zoals het verminderen van de afhankelijkheid van de vastgoedsector, de vergrijzing, de verdere uitbreiding van de binnenlandse economische draagkracht of het verzoenen van de economische ambities met centrale planning en controle. Door het beleid van de afgelopen jaren, met covid maar ook de toegenomen ideologische grip, kijken buitenlandse potentiële investeerders bovendien met meer argwaan naar China.

Hoe dan ook, de komende maanden kan China voor een stukje weer de rol opnemen die het de afgelopen vijftien jaar regelmatig had. Die van locomotief voor de wereldeconomie. Vooral de consumptie moet omhoog. Dat zou ook positief zijn voor zwaar aanwezige Europese bedrijven in de Chinese consumentenhoek. Denk daarbij aan luxegoederenfabrikanten, bierbrouwers, personal care- en automobielfabrikanten. Ook de vraag naar grondstoffen zal toenemen, o.a. door meer verkeersbewegingen en meer productie zal de vraag naar olie en gas stijgen.

De keerzijde van de medaille is wat de Chinese heropening zal betekenen voor de inflatie. Vooral via de weg van hogere vraag, en dus prijzen, naar energie en grondstoffen. Dat kan roet in het eten gooien van de Federal Reserve en de ECB.

 

Eurozone weerbaarder

Tot slot stippen we voor Duitsland (en de eurozone) de ZEW-index aan. Die vertrouwensbarometer van institutionele beleggers heeft niet noodzakelijk een sterk verband met de gang van zaken in de reële economie, maar het kan wél een nieuwe indicatie zijn dat de Europese economie zich weerbaarder toont dan eerder gevreesd.

Energieprijzen spelen daarbij natuurlijk een belangrijke rol. De winter is nog niet voorbij, maar het risico op een energierantsoenering wordt met de dag kleiner. Hoe hoger de gasvoorraden over een week of tien zullen zijn, hoe minder riskant de vooruitzichten ook worden voor komende winter.

Dat wil niet zeggen dat we al een uitweg hebben uit het verwarrende energielabyrint. Op elk moment kan dat nog een ferme klap uitdelen aan het economisch vertrouwen en de economische activiteit, bijvoorbeeld als er helemaal geen Russisch (vloeibaar) gas meer zou aankomen.

Ook vanuit de ECB is verdere tegenwind te verwachten. Omdat de renteverhogingen van de voorbije maanden nog verder moeten doorwerken én omdat Frankfurt nog niet klaar is met die verhogingen. Desalniettemin, mochten we alsnog in een recessie sukkelen, dan suggereren de recente data dat die eerder mild zal zijn. En dat verklaart mede de sterke start van het beursjaar.

 

Belangrijke macro-economische publicaties

Van 16 januari toten met 20 januari

Publicatiedag

Regio

Publicatie van

Periode

Consensus

Dinsdag

China

Industriële productie YoY

Dec

0,5%

 

 

Kleinhandelsverkopen yoY

Dec

-7,8%

 

 

BBP YoY

4Q22

1,8%

 

Duitsland

ZEW-index

Jan

-15,0

Woensdag

VS

Kleinhandelsverkopen MoM

Dec

-0,5%

 

 

Industriële productie MoM

Dec

-0,1%

 

 

NAHB

Jan

32,0

Donderdag

VS

Bouwvergunningen MoM

Dec

3,7%

 

 

Opstartende woningbouw MoM

Dec

-1,9%

Vrijdag

VS

Verkoop woningen MoM

Dec

-2,0%

Luc Aben
Hoofdeconoom
Auth platform tracking pixel Login page tracking pixel